Oosterbeek De Hemelsche berg te Oosterbeek, een uur afstands van Arnhem / Vue sur le Chateau de Hemelsche berg, situe à une lieu d'Arnhem. Gezicht op het Huis vanuit het veld met boeren die het graan binnen halen. Getoonde steendruk (zgn koffieprent) van HW Last (1817-1873). Ca 21 x 28 cm incl tekst. - De Oorsprongbeek bevindt zich op de zuidelijke hellingen van het stuwwalcomplex op de overgang van de Veluwe naar de Betuwe, in een natuurlijk en diep ingesneden dal. De stuwwal zorgde er voor dat er beken in het gebied gingen stromen. Later zijn er door de mens eveneens kunstmatige bronnen gegraven, sprengkoppen genoemd. Zo ontstonden energiebronnen voor watermolens en een constante aanvoer van grondstof voor de papierfabricage en voor de talrijke wasserijen in dit gebied. Op een hoog gelegen plek met fraai uitzicht liet Jan Backer, sinds 1811 eigenaar van de Oorsprong, een groot landhuis bouwen. Het aangrenzende gebied rondom de bovenloop van de beek werd op geraffineerde wijze ingericht. De beek werd hiertoe verlegd en door middel van de aanleg van vijverpartijen en fonteinen kreeg dit gebied allure. Landgoed “De Oorsprong” raakte daarmee bekend en geliefd tot in de wijde omtrek.Waterschap Vallei & Eem heeft vanaf 2007 een omvangrijk herstelplan uitgevoerd voor de beken in Doorwerth en Oosterbeek. In de voorbereiding werd snel duidelijk dat de rijke cultuurhistorie van het voormalige landgoed de Oorsprong een speciale aanpak vergde. Renkum liet een zogeheten Cultuurhistorische Analyse maken. Die leverde inzicht over hetgeen de verschillende eigenaren er hadden ondernomen en welke sporen daarvan nu nog zichtbaar zijn. Het document vormde ook het uitgangspunt voor het maken van een plan voor het beekherstel, inclusief de watervallen en andere kunstwerken. Mevrouw Arda Wijsbek te Oosterbeek leverde dit ontwerp in opdracht van de gemeente. Mevrouw Wijsbek koos voor de reconstructie van enkele van de meest spectaculaire elementen uit de vroegere aanleg. Zij toonde aan dat de waterwerken op de Oorsprong waren geïnspireerd op cascades bij de villa Aldobrandini in Frascati in Italië, een indrukwekkend voorbeeld van tuinkunst uit de Barok. De grote populariteit van het waterspektakel op de Oorsprong blijkt uit talrijke ansichtkaarten die er eind 1800 van werden gemaakt. Met hulp daarvan kon de eerdere situatie van Tulleken worden gereconstrueerd. De verschillende onderdelen van het beekstelsel op de OorsprongHerstelde neo-barokke as met granieten boog Het zogeheten parkbosgedeelte ten noorden van de boerderij is oorspronkelijk aangelegd omstreeks het einde van 18e eeuw. Daarbij is als een zelfstandig element in het landschap een trap van watervallen aangelegd in neo-barokke stijl. De wateraanvoer vanuit het beekstelsel werd verzorgd door een ondergrondse buis. Die leverde, vanuit een nog hoger gelegen vijver, het water dat via een fontein de bovenste vijver van deze trap vulde. Daarna stroomde het water via de reeks watervallen verder. Ook lager in het beekstelsel was zo’n blikvanger aangebracht. Bij de aanpassing van het landgoed in de landschappelijke stijl, omstreeks 1920, werd deze situatie vergaand vereenvoudigd. De bovenste vijver van deze vroegere as werd nu zichtbaar op het beekstelsel aangesloten waarbij de fontein ook verdween. Herstel van de oude vijversituatie bleek echter goed mogelijk. De fontein zou met de nu beschikbare waterdruk echter niet meer spuiten. Om die reden is daarom op de bovenste waterval nu een granieten boog geplaatst. Die moet bezoekers, die vanaf de onderste waterval van de gereconstrueerde as naar boven kijken, de indruk geven van de sierlijke waterboog die lang geleden door de fontein werd geleverd. Het grothuisje Bij de aanleg van het landgoed door Jan Backer bestond het zogeheten grothuisje al reeds. Het was een waterval in de vorm van een huisje. Het water stroomde langs een opening in de gevel. In een reisverslag uit 1799 wordt er melding van gemaakt. Op dat moment was het landgoed in het bezit van de familie Tulleken, die in Arnhem enkele burgemeesters voortbracht. Het huisje was gemaakt van misbaksels afkomstig van de steenfabriek in de Rosandepolder. Ongetwijfeld hebben de van zwerfkeien gemaakte watervallen op Sonsbeek en Rozendaal als inspiratiebron gediend. Het verleende de Oorsprong een geweldige aantrekkingskracht; in veel wandelgidsen uit die tijd wordt dit curieuze huisje genoemd. De natuur en het water in al z’n vormen worden daarin als een toneelstuk in beschreven. Een gidsje uit 1881 meldt ‘Wat den bezoeker aan den Oorsprong bijzonder treft is de reusachtige bouw der woudboomen en de diepe toon, die over het natuurtoneel verspreid ligt.’ De auteur is echter kritisch over het grothuisje zelf; ‘Het al te kunstmatige schaadt echter de indruk, temeer omdat op veel uitlokkender wijze partij ware te trekken van het grote verval.’ Wellicht is het dan ruim negentig jaar oude bouwsel al te romantisch voor de inzichten van die tijd.Ook deze bijzondere waterval verdween bij latere aanpassingen in het gebied. Nu is die echter, in een herkenbare, hedendaagse vorm weer opgebouwd wat zuidelijker dan de oorspronkelijke plek. Het geeft bezoekers van vandaag echter een prima beeld van de wijze waarop vorige generaties de natuur naar hun hand zetten en van de wijze waarop de mens zich met stromend water vermaken kan. De molengoot Tot in de twintigste eeuw kende de Oorsprongbeek aan z’n benedenloop maar één vijver, de oostelijke van het huidige tweetal. Het was de molenwijer; een stuwvijver die van 1695 tot 1811 achtereenvolgens een papiermolen en een snuiftabaksmolen van water voorzag. Nadien werd die aangepast tot suikerfabriek. De beek leverde daarvoor niet alleen de energie maar ook het heldere water als grondstof. In 1830 nam een stoommachine de aandrijving over; met deze fabriek verdween in het midden van de negentiende eeuw de industrialisatie in dit mooie gebied. De westelijke vijver is pas aan het begin van de twintigste eeuw aangelegd als onderdeel van aanpassingen in de late landschapsstijl. Hij heeft dus louter een sierfunctie; mooi van vorm en als blikvanger via een zichtlijn vanuit het voormalige, hooggelegen landhuis. Voor de opbouw van de waterval vanuit deze vijver naar de beek zijn bij de recente reconstructie als bekledingsmateriaal ook baksteen misbaksels gebruikt. Dat wekt hier echter niet meer de indruk van een uit samengeklonterde baksteenbrokken gemaakte imitatierots.De oostelijke (bovenste) vijver is in zijn vorm eeuwenoud en heeft voornamelijk een utilitaire functie gehad. Hier suggereert de beek zijn eeuwenoude functie weer als molenbeek met een nieuwe houten goot. Het Gelders Landschap zal, als erfpachtster en beheerder van het gebied sinds 2006, het voormalige landgoed nog op talrijke onderdelen ‘revitaliseren’. De accentuering van de cultuurhistorie is daarvan een belangrijk onderdeel. De molengoot krijgt dan waarschijnlijk weer een waterrad. Die heeft dan niet als taak iets aan te drijven maar om de aandacht te vestigen op de inmiddels verdwenen bedrijvigheid.- Kleine beschadigingen. - Bron: Gemeente Renkum. [Ordernr.: 21418 ]
Prijzen in EUROS ().
120,00